VANDAAG IS HET DOORSCHUIF TIJDENS HET KRINGMOMENT. DE KINDEREN VAN HET 3DE KLEUTERKLASJE WORDEN 1STE LEERJAAR, HET 1STE WORDT 2DE, ENZ...
Leider: Jesse
Verslag: Abi
COLIN
Colin: Gisteren was Grimm bij ons komen spelen. We zijn naar de Sterappel geweest. Daarna zijn we naar de Ster geweest.
Marijke: Wat is de Sterappel?
Colin: Dat was onze vroegere school.
Goran: Maar daar in de Ster gingen wij in de krant staan.
Marijke: Hebben ze een foto genomen?
Goran knikt bevestigend.
Amani: Was uw mama daar bij?
Goran: Lola haar mama was er bij.
Amani: Maar één mama?
Goran knikt weer bevestigend.
MARIEKE
Marieke: Ik heb een stamboom bij. Mijn mama heeft die gisteren met mij gemaakt.
Marijke: Vertel eens wat een stamboom is voor de kindjes van het 1ste want die weten niet precies waarover wij het hebben?
Marieke doet de hele uitleg.
Goran: Jana (zijn zus) heeft een nog grotere gemaakt.
Marieke: Ik heb eigenlijk hetzelfde nieuwsberichtje als Abi bij.
Marijke: Over wat?
Marieke: over die aardbeving maar ik weet wat de schaal van richter is.
Dat is een manier om de kracht van een aardbeving uit te drukken.
Hoe groter de punten, hoe erger de aardbeving.
Marijke legt uit dat de aardbeving in Italië een zware aardbeving was en dat huizen die niet zo sterk zijn kunnen instorten.
We bekijken even waar Italië ligt op de wereldbol.
Marieke: Mijn mama heeft ook al eens een aardbeving gevoeld.
Marieke wil weten waar Modena ligt. We zullen straks in de atlas kijken.
AMANI
Amani: Ik heb een tasje mee en daar zitten paardjes in.
Amani haalt de paardjes uit haar tasje.
Abi: Fatma heeft ook zo een tasje.
Goran: Welke tas?
Marijke: Dat tasje waar de paardjes inzaten.
Amani: Ik heb die van mama gekregen en mama heeft die in mijn tasje gestopt en die noemt My Little Pony. Eigenlijk zijn die 2 dezelfde.
Marijke: Zijn dat dezelfde?
Abi: Nee, één is roos en één blauw.
Amani: Die zaten in dezelfde doos.
Goran: Maar die zijn niet hetzelfde.
Amani: Maar wel dezelfde ogen.
Marijke: Zijn het nu dezelfde of niet?
Een aantal kinderen knikken van nee.
Marijke: Ze zijn niet hetzelfde maar ze zaten in dezelfde doos.
GORAN
Goran: Vrijdag ga ik naar de zee.
Marijke: Hoeveel keer moet je dan nog slapen?
Goran: Welke dag zijn we vandaag?
Zoë: Donderdag.
Goran: Nog één keer. En dan ga ik ijsjes eten.
Marijke: Waar ga je naar toe?
Goran: Dat is in Oostende. Ik ga naar de zee omdat oma en opa in Oostende zijn.
Jitse: Ik denk dat dat op een andere plek is maar mijn oma en opa hebben een apartement aan de zee en daar mogen wij dan gratis naartoe.
Zoë: Euhm... vorige vrijdag waren wij ook naar Oostende geweest.
Goran: En euhm... Jana en ... eigenlijk gaat bijna iedereen van mijn familie mee.
Marijke: Familie of gezin?
Goran: Familie.
Marijke: Wie gaat er dan allemaal mee?
Goran noemt op en het is inderdaad de familie die mee gaat.
Goran: Mijn overgrootvader is al lang gestorven. Dat was de oudste van Europa geworden.
Marijke: Hoe oud was die dan geworden?
Goran: 112.
Marijke: Kan jij dat getalletje al schrijven?
Goran: Nee.
Marijke: Kan iemand anders dit dan?
Zoë schrijft '112' op het bord.
Goran: Ik weet in welk jaar ik geboren ben, 2006.
Marijke: Amaai, knap dat je dat al weet.
Goran: Ik heb super veel overgrootvaders.
We hebben terug een gesprek over stambomen.
LIAN
Lian: Mijn papa is vandaag jarig. Ik heb gezegd: 'hoe jong ben jij geworden?' Maar hij heeft gezegd dat hij al te oud geworden is.
Abi en Goran: Hoe oud is die?
Lian: Hij zei: 'te oud om zijn'. Het is nog 7 dagen en ik ben jarig. Mijn moeke dacht van mij een beetje vroeger van school te komen halen maar ik wil dat niet want dat is lastig vroeger van school gaan. Wij gaan misschien zaterdag, zondag of maandag op blotevoetentocht. Dat is eerst door modder, door steentjes, door bladeren en dan weet ik het niet meer. En voor mijn communie wordt dat op de 7ste juni. Maar dat weet ik nog niet zeker. Wij gingen eerst naar iets heel leuks naar een pannenkoekenhuisje maar mijn mama vond dat daar niet lekker.
Colin: Ik denk dat het een lentefeest is want een communie is in de kerk.
Lian: Ik denk dat het dan een lentefeest is.
Lian vertelt verder over het pannenkoekenhuisje...
JESSE
Jesse: Ik heb 2 autootjes mee. Eentje van plastiek en eentje van metaal.
Marijke: Zijn dat 2 auto's?
Jesse: Een auto.
Marijke: Hoeveel wielen heeft een auto?
Een aantal kinderen samen: 4.
Jesse: Dan is het een moto.
DE KINDEREN VAN HET 1STE LEERJAAR (volgend schooljaar) VERLATEN DE KLAS EN DE KINDEREN VAN HET 3DE LEERJAAR (volgend schooljaar) KOMEN TERUG BINNEN EN VERTELLEN KORT HOE HET GELOPEN IS.
ER ZIJN NOG EEN AANTAL KINDEREN DIE WILLEN VERTELLEN DUS DOEN WE NOG EVEN VERDER MET KRING.
SKA
Ska: Ik heb een vrije tekst gemaakt en dat gaat over een mannetje.
Het kindje valt op een lading bakstenen.
Het kindje moet dringend naar het ziekenhuis.
Het kindje heeft zijn nek gebroken.
Zijn mama is verdrietig.
Marijke: Wat was de titel?
Ska: Dat ben ik vergeten want anders moet ik 4 keer het kindje schrijven.
Marijke: Wat had hij dan kunnen doen?
Niemand weet een oplossing.
Marijke: Hij had ook het kindje een naam kunnen geven en dan was het niet steeds 'het kindje'.
CHARLOTTE
Charlotte: Ik heb het kaartje bij van mijn nonkel.
Jesse: Is die gestorven?
Charlotte: Ja.
Elias: Mag ik eens zien?
Charlotte toont het kaartje.
ARTHUUR
Arthuur: Ik heb een boek mee want ik was al eens boekenworm maar ik was dat toen vergeten. Daarom heb ik nu een moppenboek bij.
Marijke: Ga je er zelf een mopje uit lezen?
Arthuur: Ja, ik ga er zelfs 2 lezen.
Het is grijs en het zit in een boom.
Thor: een grijze eekhoorn.
Colin: een wasbeer.
Charlotte: een olifant.
Arthuur: een kanariefant.
Charlotte: Dat is toch geen mop, dat is een raadsel.
Marijke: Het is toch grappig.
Ska: Nee
Arthuur: Deze vond mijn mama goed maar ik niet.
2 spoken zaten op de zolder. De ene zegt: 'ik hoor geluid van mensen'. De andere zegt: 'geloof jij dan nog in mensen?'
De kinderen lachen.
2 slangen zaten in de woestijn. De ene zegt tegen de andere: 'ik hoop dat ik niet giftig ben'. De andere vraagt 'waarom'. Zegt de ene: 'ik heb op mijn tong gebeten'.
Elias: Ik ken ook een mop. Vertelt een mop over apen.
Jesse: Ik ken ook een goeie mop. Vertelt een mop over Jantje.
...
WE MAKEN ZELF EEN MOPPENVIDEO EN KINDEREN DIE WILLEN TYPEN OP DE COMPUTER HUN MOP.
LOTTE
Lotte: Ik ben daarnet hier van de trap gevallen. Ik ging naar boven maar ik was een klein beetje harder aan het stappen en toen viel ik op de ...
Thor: de trede.
Lotte: en daar ben ik afgevallen. Ik ben zelf naar boven gegaan.
Marijke: Wat heb je nu geleerd?
Thor: Niet lopen op de trap.
Lotte: Ik heb niet gelopen.
Thor: Niet stappen op de trap.
Lotte: Niet te hard willen stappen.
Lotte: ik heb gisteren BBQ gedaan. Het was heel warm.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten